menu
menu

basismobiliteit / bovenmatige mobiliteit / mobiliteitsarmoede / mobiliteitsdonut / mobiliteitsdonutspel / mobiliteitsgeluk

Bovenmatige mobiliteit

Zelf woon ik op steenworp afstand van station Nijmegen. Ik maak dankbaar gebruik van de diensten van de NS. Een eigen auto is voor mij overbodig. Mijn fiets brengt mij ver en anders stap ik in de trein of huur ik een Amber deelauto. De reismogelijkheden zijn voor mij méér dan toereikend.

Meer dan eens kijk ik door mijn straat en vraag mij af waarom er nog zoveel stilstaande blikjes zijn. Al die buren van mij wonen ook zo dichtbij het grootste ov-knooppunt van Nijmegen én bij fijne fietsroutes. De auto’s nemen ruimte in waar ook bomen en planten hadden kunnen staan of onze fietsen die nu menig voortuin en stoep bezetten waardoor we erover struikelen. De mobiliteitsclaim op de ruimte moet anders. Wanneer durven we erover te gaan praten?

Voortuinen worden gebruikt als fietsenstalling.

De wereld van morgen
Als mobiliteitsadviseurs werken we aan de wereld van morgen. Velen lijken – vaak onbewust – te denken dat het in de wereld van morgen meer, gekker en verder moet kunnen. Zo functioneert het beleid de afgelopen decennia ook. Op basis van ingewikkelde modellen berekenen we waar we gaan investeren. Binnen het ov krijgen de dikke vervoerstromen, daar waar grote groepen mensen tegen lage kosten van A naar B kunnen worden gebracht, vaak prioriteit. Dit is namelijk efficiënt gezien de kosten-baten analyse.

Ook de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (NMCA), die wordt gebruikt om geld beschikbaar te stellen uit het Infrastructuurfonds, richt zich voornamelijk op het bestrijden van infrastructurele capaciteitsproblemen en knelpunten. De toverwoorden zijn doorstroming en oplossen van knelpunten in het wegennet. We werken al jaren actief aan het uitbreiden van de mogelijkheden van die mensen die al onderweg zijn. Het resultaat is dat we steeds grotere afstanden reizen doordat het asfalt steeds verder en breder voor ons uitstrekt.

Wat is de beste investering?
De vraag is of we wel steeds meer en verder moeten willen gaan. Ik vind dat deze benadering op haar grenzen botst. Allereerst omdat de ruimte opraakt, we voor onze leefomgeving moeten zorgen en onze eigen gezondheid. Daarnaast wordt op deze manier de kloof tussen zij die onderweg kunnen en zij die mobiliteitsarm zijn steeds groter. We bezuinigen op bussen in het landelijk gebied. Het resultaat is dat de bushalte verder ligt voor de reiziger en de autoafhankelijkheid steeds verder toeneemt. Daarom richten we vanuit de onderkant van het ov een prijzig systeem in om toch een aanbod te hebben voor reizigers. Tegelijk vloeit er geld richting projecten zoals de veel beklaagde uitbreiding van de A4 tussen Delft en Schiedam. Je kan je afvragen voor wie we het doen want de automobilist uit het dorp die niet meer met het ov kan, vinden we terug in de spits op de A4.

Bovenmatige mobiliteit
Mobiliteit kan niet oneindig zijn want er zitten grenzen aan de groei. Bovendien hoeft mobiliteit niet oneindig te zijn als we onze ruimte strategisch ordenen, ons flexibel organiseren (zoals de coronacrisis ons heeft geleerd) en groener gaan reizen. Otto schreef vorige week over mobiliteitsarmoede. Om goed in gesprek te kunnen over mobiliteitsarmoede moet je volgens ons eerlijk zijn over de grenzen aan de groei van mobiliteit: bovenmatige mobiliteit noemen wij dat.

Als ik alle bovenmatige mobiliteit uit mijn buurt zou weghalen, dan zie ik een bredere en lege stoep die toegankelijker is voor minder mobiele mensen of ouders met kinderwagens. Ik zie meer ruimte voor bomen, planten en bloemen. Bovendien kunnen we onze fietsen dan mooi stallen zodat onze voortuinen gebruikt kunnen worden als ontmoetingsplaats. De straat komt dan nog meer tot leven.


Deze blog maakt deel uit van een reeks van vier over de Mobiliteitsdonut. Iedere week lichten we een stuk uit de Mobiliteitsdonut toe. Dit concept ontwikkelden wij, gebaseerd op het gedachtegoed van econoom Kate Raworth. De Mobiliteitsdonut brengt mobiliteitsarmoede, basismobiliteit, mobiliteitsgeluk en bovenmatige mobiliteit met elkaar in verband. Wij ontwikkelen op dit moment het Mobiliteitsdonutspel om onze opdrachtgevers te helpen bij het vinden van de balans in mobiliteitsbeleid. Geïnteresseerd? Neem contact op met Babet Hendriks.


Babet Hendriks

‘Hoe mensen zich iedere dag weer verplaatsen, waarom ze dat doen en hoe we die keuzes kunnen beïnvloeden, houdt mij bezig. Ik laat me inspireren door de ruimte om me heen en werk aan een wereld waar alternatieven voor de auto toegankelijk zijn voor alle mensen.’

Adviseur mobiliteit
b.hendriks@mobycon.nl
(06) 287 067 22

Gerelateerd