logo

Verhoogde halte is ook obstakel OPRIJPLAAT voordelig en flexibel


[16-02-2005]
Artikel dat in februari 2005 is verschenen in OV.Magazine 10.02.05; auteurs: Inge Hoving en Marjolein de Jong, Verkeersadviesburo Diepens en Okkema.

Toegankelijk openbaar vervoer is duur. De juiste keuzes kunnen veel geld besparen. Zo is het aanbrengen van oprijplaten goedkoper en flexibeler dan het verhogen van haltes. Maar er is volgens Inge Hoving en Marjolein de Jong meer nodig om het openbaar vervoer echt toegankelijk te maken voor bijvoorbeeld mensen met een handicap.

Het toegankelijk maken van bussen draait om meer dan het overbruggen van de instap van de bus. Er zijn ook eisen aan de halte zelf en de route naar de halte. Als dat niet goed is geregeld, hebben investeringen in lagevloerbussen weinig zin.

De route naar een bushalte moet voor iedereen toegankelijk zijn. Dat betekent dat er slechts heel kleine hoogteverschillen mogen voorkomen. Bestratingen op één niveau of op- en afritten zorgen ervoor dat gebruikers van rollator of rolstoel zelfstandig de bus kunnen bereiken.

Van oudsher bestaan bushaltes in Nederland uit niet meer dan een haltepaal en eventueel een abri op het trottoir. Zulke haltes op trottoirniveau zijn makkelijk te bereiken omdat er geen hoogteverschil is tussen de route en de halte. Probleem is echter dat de instap naar de bus vanaf trottoirhoogte moet worden overbrugd.

Steeds meer haltes zijn hoog (30 centimeter) en hebben speciale perronbanden en een geleidingssysteem dat de chauffeur helpt om erg dicht langs de halte te rijden. De verticale en horizontale afstand tussen perron en busvloer mogen niet meer dan vijf centimeter bedragen om de bus toegankelijk te maken voor rollator of rolstoel.

Gelijkvloerse instap
Een dergelijke gelijkvloerse instap lijkt ideaal, maar kent nadelen. Bij een hoge halte en gelijkvloerse instap wordt het toegankelijkheidsprobleem verplaatst naar het hoogteverschil tussen halte en omliggend trottoir. Dat verschil overbruggen heeft nogal wat voeten in de aarde. Voor de overbrugging van een hoogteverschil van twintig centimeter tussen trottoir en hoge halte is een hellingbaan van twee meter lengte nodig. Die ruimte is er vaak niet.

Een hoge halte op of langs een trottoir is bovendien een object in de ruimte: je kunt er tegenaan lopen, of er vanaf vallen. Dat betekent dat een hoge halte een valbeveiliging moet hebben, zoals een hek. En door verzakkingen is de kans groot dat de afstand tussen perron en straatniveau verandert waardoor de gelijkvloerse instap alsnog wordt tenietgedaan.

Het alternatief voor de hoge halte is de combinatie lage vloer en oprijplaat. Voordeel van een oprijplaat is dat hij verschillende perronhoogtes kan overbruggen en vrij eenvoudig kan worden ingevoerd. De toegankelijkheid is bij een oprijplaat niet afhankelijk van de nauwkeurigheid van de chauffeur. Het gebruik van speciale perronbanden is niet nodig. Eventuele verzakkingen hebben geen effect op de toegankelijkheid.
Naarmate het hoogteverschil tussen halte en busvloer kleiner is, wordt de helling minder steil en is de bruikbaarheid van de oprijplaat groter. De ideale perronhoogte is achttien tot twintig centimeter, maar ook in combinatie met lagere haltes (trottoirhoogte van tien tot twaalf centimeter) biedt de oprijplaat goede mogelijkheden.

Nadeel
Veel genoemd nadeel van de oprijplaat is de veelal handmatige bediening. Een elektrisch uitgevoerde oprijplaat voorkomt dat de chauffeur van zijn plek moet komen. Zo'n plaat is duurder dan een handmatig bediende oprijplaat, maar nog altijd goedkoper dan het ophogen van alle haltes in Nederland.

Een elektrisch uitklapbare oprijplaat kost ongeveer 9000 euro (rapport MuConsult). Het ophogen van een halte kost gemiddeld 6000 euro (Inventarisatie toegankelijkheid haltes, Adviesburo Diepens en Okkema 2002). Maar er zijn minder bussen dan haltes.
Een rekenvoorbeeldje. Als de provincie Flevoland ervoor kiest om de 68 belangrijkste halteplaatsen van het kernnet op te hogen, dan kost dat ongeveer vier ton. als de 25 bussen op het kernnet van een elektrische oprijplaat worden voorzien kost dat iets meer dan de helft van dat bedrag en zijn bovendien álle haltes op het kernnet toegankelijk.

 

- - - -