[22-11-2007]
De gemeente Spijkenisse pakt verkeersonveiligheid in haar woonwijken volledig in de lijn van Duurzaam Veilig aan. Infrastructureel is de laatste jaren het nodige geïnvesteerd. Nu zijn de inwoners aan de beurt met een gedragscampagne verkeer. Vaak zijn dergelijke campagnes een kwestie van lange adem, maar in Spijkenisse blijkt dat ze wel degelijk een positief effect kunnen hebben.
De gemeente Spijkenisse, met 75.000 inwoners, is in april 2006 gestart met een gedragscampagne Verkeer. Uit bewonersavonden die de twee voorafgaande jaren werden gehouden was al gebleken dat verkeersonveiligheid, jeugdoverlast, criminaliteit, hondenpoep en zwerfvuil als vervelend werden ervaren. De gemeente, maar vooral de bewoners zelf hebben er toen voor gepleit op brede schaal gedragscampagnes in te zetten om een gedragsverandering bij bewoners te realiseren. De gedragscampagne Verkeer was de eerste pilot in deze reeks, met als doel irritaties, klachten, overtredingen en gevoelens van onveiligheid te verminderen. Inmiddels is er ook een campagne jeugdoverlast geweest met als doel leerlingen bewust te maken van hun eigen gedrag en jong en oud met elkaar in contact te brengen, en is de campagne Sportief Spijkenisse van start gegaan.
De basisgedachte van de gemeente Spijkenisse voor een gedragscampagne Verkeer is vrij nieuw. Binnen het thema Verkeersveiligheid worden zelden campagnes gevoerd specifiek gericht op woonwijken. Iedereen kent wel de ‘BOB-campagnes’ voor het rijden zonder alcohol of het dragen van de gordel, of een artikel in de plaatselijke krant. Maar een doordachte campagne die zich specifiek richt op woonwijken en waarbij ook nog eens de gemeente als regisseur optreedt, is zeldzaam in Nederland.
Integrale gedragscampagne
‘Gedragsbeïnvloeding is een kwestie van lange adem’, staat in de ‘Startnotitie Integrale Gedragscampagne’ van de gemeente Spijkenisse. Het gaat vooral om langlopende campagnes - vaak meerjarig - waarbij de combinatie van projecten en communicatie het succes moeten gaan bepalen. Herhaling van de boodschap en eenheid in vorm is daarbij essentieel. Bij gedragsbeïnvloeding wordt in de communicatiewetenschappen veelal uitgegaan van de drietrapsraket ‘kennis, houding en gedrag’ (KHG-model, fig. 1). Van een structurele gedragsverandering kan alleen sprake zijn als de kennis en houding van de doelgroepen op het juiste niveau zijn aangeland. Daarom is een goede gedragscampagne zo opgesteld dat de doelgroepen als het ware ‘aan de hand’ worden genomen.
De betrokkenheid van bewoners is een belangrijk uitgangspunt geweest voor de gemeente Spijkenisse om te werken met integrale gedragscampagnes. Met name binnen het thema Verkeer is gesteld dat de grenzen van fysieke maatregelen en handhaving zijn bereikt en dat nu het gedrag van mensen moet veranderen. Bewoners krijgen daarmee een eigen verantwoordelijkheid om de leefbaarheid in hun omgeving te stimuleren.
In de startnotitie wordt uitgegaan van twee sporen: gemeentelijke acties die op wijk- en buurtniveau worden ingezet, en het ondersteunen van bewonersinitiatieven op buurt- of wijkniveau. Voor de gedragscampagne Verkeer is de gemeente een ondersteunende rol gegeven bij bewonersinitiatieven op buurt- en wijkniveau. Belangrijk is ook de integrale aanpak met corporaties en politie.
Proeftuin
In eerste instantie is ervoor gekozen om rond het thema Verkeersveiligheid een kleinschalige campagne (een soort ‘proeflaboratorium’) te organiseren in twee wijken: De Kreken en Waterland. Met de opgedane kennis en ervaringen uit deze pilot kan de gedragscampagne mogelijk worden uitgebreid naar andere wijken en kunnen andere thema’s worden behandeld.
Aan de hand van de wijkveiligheidsplannen die voor De Kreken en Waterland zijn opgesteld kunnen de verkeersproblemen in deze wijken als volgt worden samengevat:
• onverantwoordelijk gedrag van bestuurders van auto’s, scooters en fietsers;
• bestuurders van auto’s en scooters rijden met te hoge snelheid door de wijk, zowel op doorgaande wegen als in de woongebieden.
Communicatie met doelgroepen
Gedragscampagnes vallen of staan met communicatie, ook in Spijkenisse. Het vormt de rode draad door de gehele campagne en ‘verbindt’ de verschillende losse, uitvoerende acties tot één geheel. In Spijkenisse is een strategisch communicatieplan opgesteld, dat voor ieder traject sterk sturend is voor de gedragscampagne als geheel. Denk bijvoorbeeld aan de keuze van doelgroepen en de benadering ervan. Voor verkeersveiligheid in woonwijken - en specifiek snelheid - zijn de doelgroepen vrij nauwkeurig te omschrijven. Verkeersdeelnemers in woonwijken zijn namelijk voor het grootste gedeelte de mensen die er wonen. Andere verkeersdeelnemers, zoals mensen die op bezoek gaan bij familie en vrienden of sluipverkeer, zijn veruit in de minderheid.
Voor de gedragscampagne Verkeer bestaat de primaire doelgroep dan ook uit de weggebruikers in De Kreken en Waterland. Daarnaast zijn de inwoners van de betreffende wijken en van de gemeente Spijkenisse als geheel als doelgroep benoemd.
Verder vormen kinderen een belangrijke doelgroep binnen het landelijke programma Permanente VerkeersEducatie (PVE) rondom verkeersveiligheid. De gedragscampagne Verkeer in Spijkenisse past prima in dit landelijke beleid.
De genoemde doelgroepen hebben centraal gestaan in het bedenken van acties en het uitvoeren van de campagne.
Na de start van de campagne met bewonersavonden hebben ‘deelprojectleiders’ draaiboeken uitgewerkt en concrete afspraken gemaakt met onder andere politie en woningbouwcorporaties. Voor de gedragscampagne als geheel is een nieuwe huisstijl ontwikkeld, waarbij de slogan ‘Spijkenisse, dat ben jij’ centraal staat. Het thema ‘verkeer’ maakt deel uit van deze nieuwe huisstijl, in symboliek en slogans.
Acties
Het zichtbare startpunt van de campagne voor de bewoners was een discussieavond in elk van de twee wijken. Doel van de avonden was: de bewoners(verenigingen) actief laten meedenken over acties, en draagvlak creëren voor de betrokkenheid van bewoners(verenigingen) bij de campagne.
Deze avonden hebben geleid tot twee actieplannen voor de betrokken wijken. Op basis hiervan zijn concrete draaiboeken opgesteld voor de uitvoering van verschillende acties. Tussen augustus 2006 en januari 2007 zijn de volgende acties uitgevoerd, die fungeren als blauwdruk voor andere wijken in de toekomst:
• verkeersquiz;
• 5tellenzone;
• verkeerslessen;
• spandoeken;
• wijkschouw;
• metingen (objectief en subjectief).
Verkeersquiz
Een feestelijk moment binnen de campagne vormde de verkeersquiz op het stadhuis, gepresenteerd door een bekende Nederlander, Albert West. Uitgangspunt van de quiz was om op een opvallende manier (media-aandacht) verschillende bewonersgroepen bij verkeersveiligheid te betrekken. Doel was om het thema verkeersveiligheid op ludieke wijze bespreekbaar te maken binnen de wijk. Daarvoor zijn bewoners uitgenodigd, evenals raadsleden, ambtenaren, politie en bedrijfsleven. De deelnemers waren zeer enthousiast en hebben ook hun volledige medewerking verleend aan de verkeersquiz.
Als extra stimulans voor de campagne zijn onder de deelnemers van de quiz stickers verspreid, bedoeld om achter de ramen van een auto te plakken. Met de slogan ‘Spijkenisse, dat ben jij’ moest de sticker zich zo als een ‘rijdende ambassadeur’ over Spijkenisse verspreiden.
5Tellenzone
Om verkeersdeelnemers direct te kunnen confronteren met hun gedrag en het voor omwonenden zelf mogelijk te maken om snelheden ‘te meten’, is de 5Tellenzone bedacht. Deze zone beslaat een gebied op straat waar bestuurders minimaal 5 seconden dienen te verblijven om zich aan de gewenste snelheid (30 of 50 km/uur) te houden. Ter verduidelijking: als je tot vijf telt, zou je bij tel vijf bij de laatste streep moeten zijn. Als dat binnen drie tellen het geval is, rij je te hard, bij zes tellen rij je langzamer dan de gewenste snelheid. Aan de hand van markeringen op straat (van 1 tot 5) is voor bewoners eenvoudig te zien of iemand wel of niet te hard rijdt.
De zones zijn aangebracht op het wegdek en kunnen zo doorlopend worden gebruikt. Hoewel niet verwacht mag worden dat bestuurders zich direct aan de gewenste snelheid houden, kunnen bewoners met gebaren (duim omhoog/naar beneden) of met een beloning (autodrop) wel duidelijk maken of het rijgedrag correct is.
Verkeerslessen
Drie scholen hebben actief deelgenomen aan de verkeerslessen. Ingezet is op het project Verkeersslang (rondom halen en brengen), Verkeersveiligheidsdeal (waarbij kinderen ‘verkeersveiligheidscontracten’ met hun ouders sluiten) en een dvd over verkeersveiligheid specifiek voor ouderbijeenkomsten op school.
Spandoeken
Om verkeersdeelnemers regelmatig te confronteren met de gedragscampagne, (signaalfunctie) zijn spandoeken gemaakt, ontworpen in de nieuwe huisstijl, waarbij diverse slogans en foto’s van kinderen centraal stonden. De spandoeken zijn eenvoudig te maken en kunnen rouleren over diverse plaatsen in de wijk. Zo ontstaat ook de herhaling van de boodschap die zo wenselijk is. De spandoeken hebben drie maanden in zowel in De Kreken als in Waterland gehangen.
Wijkschouw
Tijdens de discussie(start)avond in De Kreken spraken de bewoners nadrukkelijk de wens uit dat, voordat werd gestart met de gedragscampagne, alle toezeggingen vanuit het wijkveiligheidsplan zouden worden uitgevoerd. Gemeente, politie, woningcorporaties en bewoners hebben dit plan gezamenlijk opgesteld. Bewoners zijn uitgenodigd voor wijkveiligheidsbijeenkomsten en konden aangeven wat zij als de belangrijkste problemen ervaren op het gebied van veiligheid in hun wijk. Thema’s waren onder meer verkeer, overlast en criminaliteit. Een toezegging was bijvoorbeeld het overzichtelijke maken van een kruising door een aantal struiken te snoeien.
Over de wijkveiligheidsplannen is veel gecommuniceerd. Drie nieuwsbrieven per wijk in twee jaar tijd, artikelen in lokale kranten, de eigen voorlichtingskrant en brieven aan bewoners (huis-aan-huis in de twee wijken).
Om aan de wens van de bewoners tegemoet te komen, heeft de gemeente de toezegging gedaan een wijkschouw te organiseren, waarbij bewoners kunnen aangeven welke verbeteringen nog moeten worden aangebracht. Voor de wijkschouw heeft zich uiteindelijk maar één persoon aangemeld, waardoor deze niet is doorgegaan.
Metingen
Bij verkeersonveiligheid is onderscheid gemaakt in objectieve verkeersonveiligheid (zoals geregistreerde overtredingen, metingen) en subjectieve verkeersonveiligheid (het gevoel van onveiligheid dat leeft bij bewoners). Dit onderscheid is in de gedragscampagne meegenomen in de nul- en nametingen.
De objectieve metingen - bestaande uit een nulmeting in augustus 2006 en een nameting (snelheid) in januari 2007 - zijn onder verantwoordelijkheid van de politie uitgevoerd. Zowel in De Kreken als in Waterland hebben wijkagenten daartoe metingen verricht. De nulmetingen zijn op diverse locaties (uitgekozen door de bewoners) uitgevoerd in de avondspits. De nulmeting had twee doelen: de daadwerkelijke nulmeting als meetbaar resultaat en de bewoners laten inzien hoe de objectieve verkeersonveiligheid ervoor stond.
Opvallend was dat uit de objectieve metingen niet direct was af te leiden dat snelheid een groot probleem was op de genoemde locaties. Dit bevestigde het beeld dat met name de subjectieve verkeersonveiligheid een rol speelt.
Subjectieve metingen
Voorafgaand aan de campagne zijn subjectieve verkeersonveiligheidsgevoelens verzameld door straatenquêtes uit te voeren. De campagne is afgesloten met nametingen door middel van huis-aan-huisenquêtes.
Uitkomsten huis-aan-huisenquêtes
Het project heeft verschillende doelstellingen geformuleerd aan de hand van het KHG-model. De bevindingen uit de metingen zijn, voor zover mogelijk, direct gekoppeld aan de doelstellingen. Een aantal doelstellingen is niet één op één vertaald naar enquête-vragen. Deze keuze is gemaakt omdat de enquêtes onvoldoende geschikt zijn voor een interview (bijvoorbeeld in de vorm van een telefonische enquête), waarbij meer vragen kunnen worden gesteld. De enquête zou dan te lang worden, met het gevaar dat bewoners afhaken.
De enquête laat een positief beeld zien van de deelname van bewoners aan campagnes als de gedragscampagne Verkeer. Dit staat overigens wel haaks op de daadwerkelijke deelname. Dat bewoners mee moeten doen met de acties vindt 57 procent van de respondenten in De Kreken en 51 procent van de mensen in Waterland. Deze percentages liggen beduidend hoger dan de praktijk uitwijst. Een corrigerende factor voor ‘sociaal wenselijke’ antwoorden ligt voor de hand, maar verklaart nog niet het grote verschil. Andere oorzaken zijn wellicht dat men wel vindt dat inwoners als groep betrokken moeten zijn, maar dat de persoonlijke inzet (als individu) beperkt is.
Ook de beantwoording van de vragen die betrekking hebben op de campagne zelf (zoals bekendheid met de acties) levert interessante informatie op. Veel bewoners bleken de campagne te kennen en waren op de hoogte van de acties die zich in de wijk afspeelden. In Waterland is de bekendheid met de acties het hoogst. Verklaarbaar, omdat hier ook de meeste acties hebben plaatsgehad. Opvallend is wel de hoge score voor de 5Tellenzone (74 procent) in zowel Waterland als De Kreken; de animo voor deelname aan deze actie is laag, maar het scoort wel hoog als opvallend project.
De invloed van de flankerende communicatiemiddelen komt ook sterk naar voren. Dat geldt met name voor de artikelen in de lokale krant die zijn blijven ‘hangen’. Na afloop van de gedragscampagne is in de houding van bewoners een verandering waar te nemen. Zo’n 27 procent van de respondenten staat stil bij het eigen gedrag, spreekt anderen erop aan of geeft aan dat er in de wijk over wordt gesproken.
In totaal geeft bijna 9 procent van de respondenten aan dat dankzij de campagne het verkeersgedrag van de wijkbewoners is verbeterd. Daartegenover staat dat 63 procent geen effect ziet in het verkeersgedrag.
Conclusies en vervolg
Hoewel de betrokkenheid van bewoners lager was dan gewenst, is de gemeente Spijkenisse tevreden over de campagne. Gedrag is altijd moeilijk te veranderen en is vaak een kwestie van lange adem en langlopende campagnes. Bij zo’n kortlopende campagne, waarbij voornamelijk is ingezet op kennis en houding, is een effect van 9 procent aan gedragsverandering aanzienlijk.
Gezien vanuit het uitgangspunt dat vooral geleerd moest worden, is voldoende input aangereikt voor volgende campagnes. De looptijd van vier maanden is te beperkt om een grootschalige gedragsverandering te realiseren. Wel wordt nu in de wijk over verkeersonveiligheid gesproken en staan mensen stil bij hun eigen gedrag.
Succesfactoren van de campagne zijn volgens Mobycon, het bureau dat door de gemeente Spijkenisse is ingehuurd om de campagne te begeleiden, de herhaling van de boodschap en vorm, de mix van uitvoerende, ludieke acties en actieve communicatie. Daarnaast is een goed campagnedraaiboek beschikbaar en staat de huisstijl, die de herhalende factor bij campagnes in andere wijken vergroot.
De gemeente Spijkenisse gaat de campagne dit jaar nog verder uitvoeren in andere wijken met een combinatie van spandoeken, snelheidsmetingen en acties met scholen.
Kortweg
- De gemeente Spijkenisse is een gedragscampagne Verkeer gestart, specifiek gericht op woonwijken.
- Tussen augustus 2006 en januari 2007 zijn in twee wijken verschillende acties uitgevoerd, die fungeren als blauwdruk voor andere wijken in de toekomst.
- Met deze campagne, die vier maanden duurde, is een effect van 9 procent bereikt.