logo

Fietsnetwerken: een nieuwe, breed toepasbare aanpak


[26-06-2003]

Langzaam kalft de fietspositie in Nederland af, wat wij als bureau heel jammer vinden. Niet in de laatste plaats omdat wij de fiets altijd een warm hart hebben toegedragen.
Tot onze vreugde zien we echter dat op veel plekken de mouwen worden opgestroopt om op beleidsniveau de fiets weer een rol te geven. Een groeiend fietsgebruik vraagt om een specifieke aanpak die het huidige gebruik ondersteunt en het potentiële fietsgebruik stimuleert. Wij onderzoeken voor een aantal noordelijke provincies op welke wijze fietsen kan worden gestimuleerd. Dit heeft vooralsnog geresulteerd in een methodiek die is toegepast voor het toetsen van het utilitaire provinciale fietsnetwerk, maar eveneens kan worden toegepast op lokale en regionale netwerken. De methode is ongeschikt voor recreatieve netwerken, omdat wordt uitgegaan van doelgerichte verplaatsingen. In Friesland, Gelderland en Overijssel is voor het toetsen en aanpassen van het utilitaire netwerk gekozen voor een aanpak die is gebaseerd op het reismotief. Aan elk reismotief is een maximale afstand gekoppeld: 7,5 km, de grens van de 'korte afstanden' en 15 km, de ?maximale fietsafstand?.

Herkomstpunten en bestemmingspunten
De reismotieven zijn vervolgens vertaald naar bestemmingen en vergeleken met de kernenhi?rarchie uit het streekplan. Herkomstpunten hebben we verbonden aan bestemmingspunten. Dit nieuwe netwerk van relaties hebben we vergeleken met het huidige netwerk.

Inrichtingseisen en een prioriteringsmethodiek dienen ter aanvulling en ondersteuning zodat een samenhangende werkwijze ontstaat waarin de kenmerken en eisen van de (potenti?le) fietser zoveel mogelijk tot hun recht komen.


Het vervolg
In de nieuwe methode neemt de fietser een meer centrale plek in waardoor de gehele keten belangrijker is geworden. Een doorvertaling van en een aansluiting op het regionale en lokale netwerk staan daarom op dit moment centraal. In Friesland onderzoeken we nu of een aantal cruciale verbindingen de status en inrichting van ?fietssnelweg? kunnen krijgen.
Een meer organisatorisch aspect betreft de wijze waarop de ruimtelijke inrichting beter kan worden aangepast aan de kenmerken van de fietser. Dit aspect vergt samenwerking tussen verkeerskundige en ruimtelijke werkvelden. Het ontwikkelen van nieuwe oplossingen op het raakvlak tussen ruimte en verkeer is een ontwikkeling waar wij inmiddels veel ervaring mee hebben opgedaan.


Studiereis: inspirerende aanpak voor een bruisende stad DYPA MODEL
- - - -