[07-06-2004]
Invoering van het nultarief - ‘gratis’ openbaar vervoer - is niet alleen een wijziging in de vorm van betalen voor het openbaar vervoer. Het is een diep ingrijpende verandering in onze verkeerspolitiek met als doel vervoer beschikbaar te maken voor iedereen (bestrijden van vervoersarmoede; een kwart van de huishoudens in Nederland heeft geen auto), en reisdoelen bereikbaar te houden (alle steden ‘slibben dicht’).
Het leidend principe is dat iedereen meebetaalt aan de beschikbaarheid van OV, niet alleen de reiziger aan de kosten van het gebruik van OV.
‘Het autosysteem’ faalt meer en meer, zowel in het verschaffen van mobiliteit als in de bereikbaarheid van reisdoelen. Overal waar nu twee auto’s rijden en parkeren, zijn er over vijftien jaar drie. De zwakkere helft van de bevolking wordt in toenemende mate afgesloten van gemotoriseerde mogelijkheden tot verplaatsing. De auto verdringt het OV, en het uitdunnende OV versterkt de drang naar automobilisering. De spiraal gaat verder naar beneden.
‘Gratis’ OV kost miljarden extra. Dat halen we allereerst uit wat nu besteed wordt aan subsidiëring van het parkeren van automobielen (netto overheidssubsidie vijf miljard euro per jaar). Verder uit loonsomheffingen, zoals in Parijs het OV grotendeels wordt gefinancierd, en eventueel opcenten op de OZB; niet uit kaartverkoop. Iedereen betaalt mee, iedereen kan er gebruik van maken. Wie toch liever auto rijdt, kan dat blijven doen, maar blijft wel meebetalen aan de kosten van het OV-systeem dat ook voor hem/haar altijd klaar staat.
Invoering kan niet in één klap, het kan wel ‘op zijn Belgisch’: eerst voor de gehandicapten, dan (misschien wel tegelijkertijd) voor de 65-plussers, vervolgens voor de 12-minners. Daarna als bijzondere voorziening, bijvoorbeeld voor ‘erkende vrijwilligers’ als een soort maatschappelijke beloning, of voor werkzoekenden die zich laten inschrijven bij CWI, en/of voor toeristen als aanmoediging voor hun bezoek aan Nederland. Uitbreiding van de leeftijdsgroepen leidt geleidelijk aan tot volledig ‘gratis’ openbaar vervoer.
Geografische fasering is evenzeer mogelijk: eerst de steden of eerst het platte-land? Eerst de lokale en regionale vervoersnetten en dan het spoor? Eerst de niet-werkenden, dan ook de werkenden (in België binnenkort alle ambtenaren), of omgekeerd?
Eerst gaat het zonder kostenverhogingen (opvullen van lege plaatsen in voertuigen die toch al rijden). Neemt het aantal rechthebbenden en daardoor gebruikers toe, dan zijn extra investeringen in vervoermiddelen en personeel onvermijdelijk, maar dan zijn we al een heel eind verder dan nu. In elk geval gaat de spiraal al omhoog en verbetert het systeem.
Zie voor meer informatie:
Link: http://www.gratisopenbaarvervoer.nl.